Toerisme in Limburg heeft last van oogkleppen nationale overheid
Toerisme, en dan nog het liefst ‘kwaliteitstoerisme’, daar moeten we het in Limburg economisch gezien vooral van hebben tegenwoordig. Want grote industrieën zijn er nauwelijks nog en de Einstein Telescope is er nog niet.
Onze regio heeft ook wel voldoende potentie om die toeristische poot verder uit te bouwen. Maar vreemd genoeg werkt uitgerekend de nationale overheid tegen.
Het vorige kabinet kwam tot het domme besluit om de btw op hotelovernachtingen in één klap te verhogen van 9 naar 21 procent. Met gevolg een stuk duurdere kamerprijzen. En dat blijkt onmiddellijk effect te hebben op de bezetting. Ik hoor links en rechts dat het eerste half jaar in bijvoorbeeld Maastricht en in het Heuvelland de bezetting fors achterblijft. Potentiële gasten kiezen dan liever voor een verblijf net over de grens in België of Duitsland. En er is al een toenemende concurrentie van vakantiehuizen, huurappartementen en B&B-locaties.
Landelijk gezien zorgt de hotellerie voor maar liefst 600.000 banen. De hotels maken een omzet van tientallen miljarden euro’s in de eigen branche, maar ook bij taxibedrijven, bakkers, musea enzovoorts. Een geweldige economische motor dus. Maar hoewel de vorige regering de mond vol had van ‘economische impulsen’, is dus in de praktijk deze sector een zware klap toegebracht. En de huidige regering heeft het in het regeerakkoord niet nodig gevonden om deze dwaze maatregel terug te draaien.
Hotels krijgen klap door forse btw-verhoging
In Den Haag leven ze al langer op een eiland. Bij de benzine-accijns bijvoorbeeld houden ze ook geen enkele rekening met grensregio’s waar pompstations wegkwijnen omdat de accijnzen in het buitenland veel lager liggen. En er vertrekken steeds meer grote bedrijven naar het buitenland, omdat de energietarieven hier veel hoger zijn dan elders in Europa. Hoe is het toch mogelijk dat een regering het beleid niet afstemt met wat er in de landen om ons heen gebeurt? Het komt wellicht omdat de meeste politici en ambtenaren in de Randstad wonen. Die denken dat daarbuiten geen leven meer op aarde is.
In België is er al heel wat weerstand gekomen tegen een btw-verhoging op overnachtingen, die ging dit voorjaar van 6 naar 12 procent. Ook al heftig, maar toch nog een stuk minder dan in Nederland. In Duitsland ligt het tarief voor hotels op 7 procent, een zeer fors verschil dus met Nederland.
Misschien denken ze in Den Haag dat de meeste hotels van grote internationale ketens zijn en dat die wel zo’n extra stoot kunnen verdragen. Maar in werkelijkheid hebben we – zeker in onze regio – vooral zelfstandige hotels van hardwerkende ondernemers die al geconfronteerd worden met de alsmaar stijgende kosten van personeel en inkoop, en alle toeslagen en belastingen die er bovenop komen. Voeg daarbij ook nog de enorme brij aan regelgeving, die de overheid op de hotelsector afvuurt, dan kun je op je tien vingers natellen dat het ondanks veel werkuren steeds lastiger wordt om het hoofd boven water te houden.
Vreemd dat het landsbestuur daar geen oog voor heeft. Laat staan dat ze een positieve impuls geeft aan deze o zo belangrijke tak van de economie.

















