‘In the Ghetto’, sinds Elvis niks veranderd.
Het was niet eens nostalgie dat ik tijdens het koken van de week wat nummers van Elvis Presley draaide. Voor de jongeren onder jullie: hij was een waanzinnig populaire zanger in de jaren vijftig, zestig en zeventig. Baanbrekend en bekritiseerd omdat hij als blanke Amerikaan muziek maakte die volgens brave blanke landbewoners te zeer neigde naar de zwarte cultuur, inclusief al te suggestieve heupwegingen.
Elvis was een belangrijke voorloper van de hedendaagse popcultuur, beginnend met ouderwetse rock zoals ‘Jailhouse Rock’, naar meer opzwepende nummers als ‘Suspicious minds’ en romantische songs als ‘Can’t help falling in love’.
Als kind kon ik niet om de muziek van Elvis heen, want mijn moeder zaliger was een grote fan. Zij was sowieso aan de hippe, althans moderne kant voor die tijd. We gingen met de fiets naar de bioscoop een dorp verder om zijn film ‘Love me tender’ te zien. In zwart-wit en nogal krakend qua geluid, maar het gevoel kwam over.
Ze leerde me bewust of onbewust ook dat andere rassen en kleuren dan de onze, even interessant zouden kunnen zijn. En dus werd er bij ons in de keuken in een bepaalde periode gedanst op muziek van The Supremes. In mijn verdere leven heb ik zowel beroepsmatig als privé altijd contacten gehad met mensen van uiteenlopende afkomst en ras. Het is voor mij altijd heel gewoon geweest. Tegenwoordig heet dat de diverse samenleving, maar in de tijd dat ik in het dorp opgroeide, was dat bepaald niet gewoon.
Een Elvis-nummer dat toen grote indruk maakte was ‘In the ghetto’. Mijn moeder – niet gestudeerd want huisvrouw maar wel intelligent – legde me uit wat de context was. Een zwarte jongen die opgroeide in een arm gezin in de achterstandswijken van Chicago. Hij had honger, begon te stelen en werd uiteindelijk door de politie doodgeschoten.
Bijzonder was, zo besefte ik op latere leeftijd, dat mijn moeder begreep dat hier sociaal onrecht en racisme een rol speelde. En dat een blanke zanger dit middels zijn muziek aan de kaak stelde.
‘Mijn moeder legde me uit wat de context was. Een zwarte jongen die opgroeide in een arm gezin in de achterstandswijken van Chicago. Hij had honger, begon te stelen en werd uiteindelijk door de politie doodgeschoten.’
Bij de blanke conservatieve Amerikaanse bevolking lag Elvis moeilijk. Zijn muziek en bewegingen leken teveel op die van ‘de zwarten’. Maar veel witte vrouwen vielen als een blok voor zijn charmes. Bij live-optreden gooiden ze niet alleen zakdoeken op het podium, maar zelfs ook slipjes. Let wel, in de jaren zestig en zeventig. Nogal revolutionair.
‘In the ghetto’ werd in 1969 opgenomen. Dik vijftig jaar geleden dus. Na een halve eeuw is nog niet veel veranderd in Amerika. De zwarte bevolking is nog altijd tweederangs. Een fundamenteel probleem dat nooit goed is aangepakt.
Racisme is een pijnlijk en merkwaardig fenomeen. De zwarten werden door de blanken als slaaf naar Amerika gehaald. Gewoon koopwaar. Die slavernij is gelukkig afgeschaft. Hoewel, in mijn ogen zijn de doorgaans blanke Oost-Europese en Zuid-Amerikaanse dames die op de Amsterdamse wallen in lingerie achter de etalage zitten, ook slaven van gewetensloze mannen, zowel blank als met een kleurtje. We doen er als maatschappij niks aan, beschouwen het meer als een toeristische attractie.
Het is waar dat ook vandaag teveel blanken nog altijd zwarte mensen achterstellen. Maar discriminatie is niet alleen een kwestie van wit en zwart. De (blanke) Joden hebben het geweten in de Tweede Wereldoorlog. En nu worden ze in Europa op straat lastig gevallen door islamitische jongeren die van een imam of thuis hebben geleerd dat Joden niet deugen en minderwaardig zijn.
Diezelfde jongeren, maar zij niet alleen, menen homo’s (van welke kleur dan ook) in elkaar te kunnen slaan, omdat zij niet volgens de juiste waarden zouden leven. Zij die wel goedkeuren dat vrouwen genitaal verminkt worden door besnijdenis. In onze westerse maatschappij nog wel.
Racisme en discriminatie, het zit heel diep in vele samenlevingen, van Noord- en Zuid-Amerika, via Europa tot Afrika en Azië. Niet alleen blanken maken zich er schuldig aan. Maar in alle gevallen zijn onwetendheid, bekrompenheid en valse doctrines de voedingsbodem.
De situatie is vooralsnog weinig rooskleurig. We zullen veel meer moeten doen om af te dwingen dat er maar één standaard kan zijn: gelijkwaardigheid, in welke kleur, afkomst of seksuele geaardheid dan ook. Daar kunnen we niet te soft in blijven.
Ik denk oprecht – met dank aan mijn moeder – dat ik niet discrimineer. Maar ik verlang wel van de ander, van welke kleur, geloof of culturele afkomst dan ook, hetzelfde respect voor mij en mijn cultuur. En vooral voor de normen van gelijkheid en vrijheid.









