Het schuttersleven is Limburg op z’n best
Wie denkt dat schutterijen langzaam uitsterven, vergist zich. Het Limburgse schuttersleven is springlevend, misschien wel levendiger dan ooit.
Voor deze vier Limburgers is het schuttersleven verweven met persoonlijke verhalen van toewijding, gemeenschap en traditie. Ze dragen elk op hun eigen manier het schutterswezen een warm hart toe, als koning, als jeugdleider, als voorzitter of als boegbeeld van een hele federatie. Wat hen bindt, is meer dan een uniform of ceremonie; het is een levenshouding. Een diepgewortelde trots op een eeuwenoud erfgoed dat blijft voortleven, juist door mensen als zij. Hoe verschillend hun rollen ook zijn, ze delen één missie: het schutters-DNA doorgeven aan volgende generaties. Want zoals zij het zeggen: „Schutterij is thuiskomen. Voor iedereen. Van nul tot 99.”
Roger Joris (50)
Paradecommandant OLS en lid van Schutterij Sint Joris in Wessem
Als zoon van de uitbaters van het Wessemse schutterslokaal komt Roger Joris al op jonge leeftijd in aanraking met het schuttersleven. In 1983 wordt hij, dan negen jaar oud, lid. Inmiddels is Roger al sinds 2012 commandant en paradecommandant van het Oud Limburgs Schuttersfeest (OLS). Een rol die hij vol trots zal blijven dragen zolang hij kan. Wat hem aanspreekt? De discipline, die hij deels van huis uit meekreeg – zijn vader was tien jaar lang beroepsmilitair – en het gevoel van saamhorigheid.
Voor Roger is de schutterij een levensstijl. Hij is zeven dagen per week bezig met organiseren, afstemmen en vooral inspireren. Onder zijn leiding blijft de Wessemse schutterij groeien, met inmiddels meer dan honderd actieve leden, onder wie opvallend veel jongeren. De sleutel voor verjonging? „Loslaten wat moet, vasthouden wat werkt”, zegt hij. Moderniseren zonder de traditie te verliezen. Meer instrumenten, ruimte voor studerende leden, en openheid voor vrouwen, die in zijn moeders tijd nog niet mochten meeschieten.
Roger ziet de schutterij als het kloppend hart van Wessem: „Je hoort ons, je ziet ons. En het dorp staat achter ons.” Trots op zijn uniform, zijn functie en zijn gemeenschap. „We hebben goud in handen. Als we samen blijven bewegen, houden we deze prachtige traditie levend.”

Anoesjka Koopmans (52)
President OLS-federatie, lid schutterij St. Willibrordus Meijel
Anoesjka Koopmans is al meer dan veertig jaar lid van schutterij St. Willibrordus in Meijel. Ze speelt trompet in het muziekkorps. Bovendien is ze sinds drie jaar president van de OLS-federatie, die ruim 150 schutterijen met meer dan 10.000 leden vertegenwoordigt in Nederlands- en Belgisch-Limburg.
Haar liefde voor het schutterswezen kreeg ze van huis uit mee. „Ik was er als klein meisje altijd bij. Schutterij is voor mij verbondenheid, thuiskomen, het cement van de gemeenschap.” In 2021 werd ze gevraagd zich kandidaat te stellen voor het presidentschap van het OLS, na haar sterke optreden tijdens de organisatie van het OLS in Meijel. Een rol die ze vol trots dag in, dag uit vervult en die haar steeds nieuwe inzichten in het schutters-leven geeft.
Als president zet ze zich met passie in voor de toekomst van het schutterswezen, met speciale aandacht voor thema’s zoals wet- en regelgeving, verenigingsondersteuning en de jeugd. Jaarlijks wordt het KinjerOLS georganiseerd, waar dit jaar 35 scholen aan meedoen. „Fantastisch om te zien hoeveel jonge kinderen zo kennis maken met ons cultureel erfgoed. Ook krijgen we dit jaar voor het eerst een jeugdraad en een kinderpresident.” En terwijl sommige schutterijen worstelen met vergrijzing, ziet ze ook veel vitaliteit. „Als ik op de tribune van het OLS zit en zie hoeveel jongeren voorbijkomen, weet ik: het schutterswezen is springlevend. Van jong tot oud, iedereen vindt zijn plek in de schutterij. Het schutters-leven staat voor trots, trouw en traditie; het is Limburg op zijn best.”

Esther Cillekens (40)
Organisator OLS 2025, schutter eerste zestal schutterij Sint Nicolaas Heythuysen
Voor Esther Cillekens was het schuttersleven onvermijdelijk: „Vader, opa, oom, broer… Het zit in de familie.” Ze groeide op met optochten, trompetlessen en een fascinatie voor het zwart-gouden uniform van schutterij Sint Nicolaas in Heythuysen. Esther wordt op haar negende actief lid van de schutterij – eerst met een vlag, later met een instrument – en uiteindelijk wordt ze de eerste vrouw in haar familie die écht mee mag schieten. „Toen ik begon, was de schutterij echt een mannenwereld. Er was slechts een handvol meisjes lid. Nu is de balans veel beter.”
Na een lange afwezigheid keert Esther in 2022 terug als schutter. Binnen twee jaar schiet ze zich naar het eerste zestal en wint in 2024 met haar vereniging het OLS. „We waren als zestal niet alleen gefocust op de prijs, maar ook op het plezier. Toch zit het wedstrijdelement wel in het bloed.” Met die prijs, d’n Um, in handen is het aan Esthers vereniging om in 2025 het OLS te organiseren. „Wist je dat er jaarlijks meer dan vijftigduizend mensen naar het OLS komen? Het is magisch om te zien hoe een gemeenschap samenkomt om die gigantische klus te klaren.”
Het mooiste moment in haar schuttersleven is dan ook niet per se de winst op het OLS vorig jaar, maar de terugkeer nadien in het eigen dorp. „Er stonden duizenden mensen langs de weg om ons onder luid gejuich welkom te heten. Dat is toch bijna ondenkbaar?” Voor haar is de schutterij verbroedering, trots en samen ergens voor gaan.

Mark Roosengaart (54)
Schutterskoning Sint Antionius Abt Gilde Blitterswijck
„Wat je moet weten,” begint Mark Roosen-gaart zijn verhaal, „is dat ik er eigenlijk niet meer zou zijn. In het voorjaar van 2023 kreeg ik de diagnose ALS. Ik bereidde me voor op het onvermijdelijke: stopte met werken, regelde mijn euthanasie en plande mijn uitvaart, op het gildeterrein van het Sint Antionius Abt Gilde in Blitterswijck. Hier zou ik, omringd door mijn gildebroeders, voorgoed afscheid nemen.”
Tijdens een onderzoek in de winter van 2023 komt een derde dokter tot de conclusie dat Mark geen ALS, maar een beknelling in zijn rug heeft die met een simpele ingreep verholpen kon worden. „2 juni 2024 zat ik midden in mijn revalidatieproces, maar dat weerhield mij er niet van om mee te schieten tijdens het koningsschieten. Die dag schoot ik mezelf, op de plek waar ik eigenlijk afscheid zou nemen, tot gildekoning. Het einde van een ontzettend moeilijk jaar, en het begin van een onvergetelijk koningsjaar.”
Maar Mark is meer dan koning. Hij is de motor achter de jeugd in het gilde. Hij richtte de jeugdcommissie op, geeft trommellessen, en zorgt ervoor dat zijn kleine dorp van 1200 inwoners nu maar liefst 24 jeugdleden telt. „Dat is mijn passie. Als ik iets wilde nalaten, dan was het dat. En dankzij die tweede kans kan ik dat nu ook echt doen. ”In de zomer van 2025 zal Mark opnieuw mee schieten op de gildedag in Blitterswijck. Misschien schiet hij zich wel weer tot koning. „Of misschien zelfs keizer,” lacht hij, „maar eigenlijk heb ik die titel allang. Ik ben er nog.”























































