Scabal strijkt neer in Maasmechelen Village: fluisterluxe met een verhaal
Heren, opgelet, deze is voor u. Binnenkort opent in Maasmechelen Village een pop-up van SCABAL de deuren, een naam die u misschien nog niet veel zegt – maar waar u straks ongetwijfeld een item van in de kast wilt hebben. Waarom? Dat leggen we uit.
Op 28 september 2021, vier jaar geleden, zorgde acteur Daniel Craig voor een van de meest besproken momenten in de mannenmode sinds, nou ja, ooit. Op de wereldpremière van de langverwachte Bond-film No Time To Die, waar ook William, Kate, Charles en Camilla over de rode loper struinden, verscheen Craig in een blazer zo bijzonder dat die dagenlang zorgde voor een buzz.


Daar, voor de Royal Albert Hall in Londen, droeg hij een fuschia-roze double-breasted fluwelen smokingjasje. Frambozenroze, radijsrood, pitaja pink – men kwam niet uit over de kleur, evenmin over de stof, de snit, de glans – maar een ding was zeker: nog niet eerder had een roze jasje, gedragen door een man, op een wereldpremière, zoveel indruk gemaakt. Het jasje was ontworpen door Anderson & Sheppard en de stof, een mix van 15 oz fluweel (15 ounces per yard, ofwel: de dichtheid van de stof) en katoen, was geweven door Scabal.
Zegt Scabal u niets? Het ligt niet aan u. Scabal is fluisterluxe op z’n best, Scabal is de belichaming van quiet luxury. Scabal, uitgesproken als ‘ska-ball’, is een acroniem voor Société Commerciale Anglo Belgo Allemande Luxembourgeoise en verwijst naar de internationale kopers en fabrikanten uit Engeland, België, Duitsland en Luxemburg die oprichter Otto Hertz samenbracht. Het label heeft een hoofdkwartier in Brussel, maar ook dat weten maar weinig mensen. Sprekender is de weverij in Huddersfield, tussen Leeds en Manchester, waar al sinds 1539 textiel wordt geweven. In 1799 verscheen daar de eerste weefmachine op het terrein – een uitvinding die de textielindustrie voorgoed zou veranderen. Toen Otto Hertz de weverij in 1973 overnam, zette hij die innovatie voort en tilde hij het productieproces naar een nog hoger niveau. Al een jaar later brak hij een industrieel record: Scabal produceerde een wolsoort van uitzonderlijke fijnheid.

Meer dan een eeuw lang gold 18,75 micrometer als de standaard voor de fijnste vezels die fabrieken konden produceren – goed voor stoffen die bekendstonden als Super 100s. Scabal verbrak dat met de introductie van de Super 120, geweven van vezels van slechts 17,75 micrometer. Vervolgens kwamen nog fijnere kwaliteiten: de S150 (16,25 micrometer), S180 (14,75 micrometer) en zelfs de S200 (13,75 micrometer). Een van hun meest bijzondere creaties is de Summit, een 100 procent wollen stof van 200 denier, zo complex dat de ontwikkeling vier en een half jaar duurde. Het resultaat behoort tot de beste en zeldzaamste kamgaren ter wereld. Niet alleen de beste kleermakers – vaak Brits – kloppen bij Scabal aan, ook modehuizen als Tom Ford, Balenciaga, Burberry, Christian Dior en Saint Laurent zijn vaste klant.
Nog leuker om te weten is dat Daniel Craig niet de eerste 007 was die een pak droeg dat was gemaakt van stof van Scabal. In 1995 was het Pierce Brosnan in GoldenEye die in luxe stoffen van Scabal schitterde. En ook hij was niet de eerste filmster. De outfits van Don Vito Corleone (Marlon Brando), Michael Corleone (Al Pacino) en Sonny Corleone (James Caan) in het baanbrekende The Godfather (1972) waren allemaal gemaakt van Scabal-stof. De film en de kostuums leverde kostuumontwerpster Anna Hill Johnstone een Oscarnominatie op.
Vooruit, nog een leuk feitje: de bekende stoffenkaterns – de boeken met stalen waar kleermakers en klanten doorheen bladeren – zijn een uitvinding van Scabal uit 1938. Oorspronkelijk werkte het bedrijf vooral als textielleverancier, maar sinds 1989 brengt het ook eigen kledinglijnen uit, met winkels in Parijs, Shanghai, Genève, Brussel, Seoul en een flagshipstore aan Savile Row 12 in Londen, hét mekka van het maatwerk. Waar vroeger 90 procent van de stoffen naar kleermakers ging, leveren ze vandaag ook aan internationale modemerken en andere modemakers.
En ik hoor u denken: wat brengt het exclusieve Scabal, de koning van de hoogwaardige stoffen, naar Maasmechelen Village? Daar is Christophe Cormanne, Business Development Manager bij Scabal, zeer duidelijk over: „Deze pop-up is een eenmalige, exclusieve activatie. Scabal zal dit in de toekomst niet opnieuw doen. We kozen voor Maasmechelen Village als partner omdat we ervan overtuigd zijn dat de beleving hier tot de beste winkelervaring van Europa behoort. Ze bieden een echt luxueuze ervaring, met veel aandacht voor detail. Voor ons is dit een unieke kans die in andere landen of met andere partners niet mogelijk zou zijn.”
Ook speelt de creatieve speelruimte in het modedorp mee. „In de Village hebben we de kans om een beleving rond Dalí te creëren. In 1971 maakte Salvador Dalí twaalf schilderijen voor Scabal, waarin hij zijn visie uitdrukte op de toekomst van maatwerk in het jaar 2000. Die geschiedenis brengen we nu tot leven met een surrealistische ervaring – we willen onze klanten echt iets authentieks bieden dat hen verbindt met het merk”, aldus Christophe.
Bang voor keuzestress hoeft u in de pop-up niet te zijn: de medewerkers van Scabal gidsen u moeiteloos door de ruime selectie van exclusieve stoffen – van wol, flanel en katoen tot linnen – en adviseren op basis van uw postuur en voorkeur. „Klanten kunnen kiezen uit maar liefst vijfduizend stoffen, en per jasje zijn er tot tweehonderd personalisatiemogelijkheden,” zegt Cormanne. „Onze ready-to-wearcollectie wordt met kortingen die variëren van 30% tot en met 70% aangeboden in Maasmechelen Village, het maatwerk blijft op reguliere prijzen. En uiteraard, zoals altijd, zal er ook een kleine selectie nieuwe collectie te vinden zijn.” In beide gevallen geldt: elke creatie vertelt het verhaal van klassiek vakmanschap, verfijning en tijdloze elegantie – iets wat zowel moderne als traditionele liefhebbers aanspreekt.
Zetellaan 100, Maasmechelen (BE) – thebicestercollection.com




















































