Waarom de Dacia Bigster goedkoper en beter is dan zijn concurrenten
Nieuwe auto’s worden almaar duurder en dreigen zelfs onbetaalbaar te worden voor normaalverdieners. Tenzij die een Dacia kopen. Het Roemeense budgetmerk biedt immers betaalbare modellen aan die veilig en robuust zijn en veilig en comfortabel rijden. Nieuwkomer Bigster is daar het beste voorbeeld van.
Best mogelijke kwaliteit en hoogste restwaarde voor de laagste prijs
Het Roemeense automerk bestaat sinds 1968 en is sinds 1999 eigendom van de Renault Group. De toenmalige topman Louis Schweitzer zag het lagekostenmerk als een aanvulling én versterking van het volumemerk Renault. Hij stuurde zijn beste medewerkers naar Roemenië met de opdracht een bedrijfszekere compacte gezinswagen te bouwen voor een klantenprijs van 6.000 euro.
Wat een mission impossible leek, ontpopte zich tot een successtory. Terwijl bij de andere merken de klant de optelsom van alle kosten betaalt, vertrok Dacia van een vooropgestelde prijs voor de klant. In plaats van een auto ingewikkeld en duur te maken, concentreerde het merk zich op de essentie van het autorijden. Elk onderdeel en elke stap in het productieproces werd onderworpen aan een grondige kosten/batenanalyse. Vitale onderdelen zoals de motor en versnellingsbak werden overgenomen van bestaande Renault-modellen. Onder het motto ‘de best mogelijke kwaliteit en hoogste restwaarde voor de laagste prijs’ groeide Dacia snel uit tot de kampioen onder de budgetmerken.

Consequente manier van denken en handelen
Dacia profiteert nog altijd van de synergiën met Renault, het gamma omvat intussen meerdere modellen. Die zitten stevig in elkaar, rijden veilig en comfortabel en zijn goedkoop in onderhoud. Als aanvulling op de beste verhouding prijs/kwaliteit bieden zij ook de beste verhouding prijs/ruimte.
Dat geldt in het bijzonder voor de Bigster. Met een lengte van 4,57 meter is de nieuwkomer het grootste en best uitgeruste maar ook het duurste Dacia-model. Met een instapprijs van 23.990 euro is de Bigster tot de helft goedkoper dan vergelijkbare modellen van de Europese volumemerken.
De Bigster presenteert zich als een volwassen en modern ogende SUV wiens bonkige verschijning kracht en zelfvertrouwen uitstraalt. Cijfermatig is de Bigster niet de grootste SUV in zijn segment maar hij beschikt met 670 liter wel over het grootste koffervolume.
Ook de inzittenden voor- en achterin beschikken over verrassend veel zit- en beenruimte. Kleinere spullen vinden een plaats in de talrijke kleine en grote opbergvakken in het interieur. De opbergruimte in de middenconsole is zelfs gekoeld. Een zinvol accessoire dat bij de veel duurdere concurrenten niet eens verkrijgbaar is. Daarnaast is de Bigster uitgerust met meerdere USB-C-laadpunten en een reeks bevestigingspunten voor Dacia’s Youclip-accessoires zoals telefoon- en tablethouders.
De Launch Edition omvat zowaar een 1,2 meter lang panoramadak, stoel- en stuurverwarming, twee displays en een 360 graden camerasysteem.
De kwaliteit van de gebruikte materialen en afwerking is van een verrassend hoog niveau, op geen moment heb je de indruk onderweg te zijn in verreweg de goedkoopste auto in zijn segment. Ook het weggedrag en rijcomfort van de nieuwkomer maken een overtuigende indruk. De basisuitrusting is vrij compleet en het prijsverschil tussen de diverse uitrustingsniveaus is klein, het infotainmentsysteem is up-to-date en gebruiksvriendelijk. Eén verbeterpunt – ondanks de extra isolatie en akoestische voorruit – is het windgeruis vanaf 100 km/u, vanaf 120 km/u wordt dat zelfs storend en werkt het op de zenuwen.
Best-in-class
De Bigster is verkrijgbaar in drie motorversies: mild hybrid 130, mild hybrid 140 en hybrid 155. Terwijl de Bigster 130 en 140 worden aangedreven door een 1.2 liter 3-cilinderbenzinemotor met een vermogen van respectievelijk 131 en 140 pk, doet de 155- versie beroep op een 1.8 liter 4-cilinderbenzinemotor met een vermogen van 109 pk in combinatie met een elektromotor met een vermogen van 36 kW.
Dankzij die elektrische motor rijdt de Bigster 155 vaak volledig elektrisch wat resulteert in een laag gemiddeld benzineverbruik van zo’n 5 l/100 km, wat uitermate gunstig is voor een auto van dit formaat.
De hybrid 155 is niet toevallig de duurste versie want standaard uitgerust met een automatische gangwissel. Vierwielaandrijving is voorbehouden aan de 130-versie, de 140- en 155-versies worden op de voorwielen aangedreven.
Met een optreksnelheid van respectievelijk 9,7 en 11,2 seconden van 0 naar 100 km/u en een top van 180 km/u breken de Bigster 155 en 130/140 geen snelheidsrecords. Hun roeping is een andere. De Bigster-modellen richten zich tot sportieve gezinnen voor wie een auto een dagelijks gebruiksvoorwerp is en geen prestigeobject dat moet verwijzen naar een maatschappelijke status of onvervulde wensdroom.
Dacia-kopers hebben meer oog voor de verhouding prijs/kwaliteit, voor de onderhouds- en brandstofkosten en het gezins- en milieuvriendelijk karakter van een auto. Criteria die er echt toe doen en de Dacia Bigster in alle objectiviteit best-in-class maken in vergelijking met vergelijkbare modellen van de Europese en zelfs Chinese merken.

















































