De race tegen de tijd van Mercedes

Urbain was bij de perspresentatie van de elektronische EQC 400 in Oslo

Auteur: Urbain Vandormael
Dinsdag 18 juni 2019

De doorbraak van de elektrische auto laat op zich wachten om redenen die we allemaal kennen: te duur, te kleine actieradius, te lage laadsnelheid en daardoor te lange laadtijd, te kleine actieradius, te weinig modellen en laadpalen.

De constructeurs en de overheid geven elkaar de schuld, maar daar heb je als consument niks aan. Die weet niet meer wat te kiezen en schuift de aankoop van een nieuwe auto op de lange baan. Begrijpelijk. De autoverkoop gaat daardoor in dalende lijn, de omzet en winsten van de automerken slinken. En dat op een moment dat die extra moeten investeren in nieuwe aandrijftechnologie. Omdat niemand kan voorspellen welke aandrijving – stroom of waterstof - op langere termijn de nieuwe standaard wordt, moeten ze alle pistes openhouden, wat de rekening nog hoger doet oplopen.
  

Zwaard van Damocles
Op korte termijn hangt de nieuwe Europese CO2-doelstelling als een zwaard van Damocles boven hun hoofd. Na 2021 mag de gemiddelde CO2-uitstoot van het complete gamma van een merk immers niet meer bedragen dan 95 g/km. Die ambitieuze norm kan niet worden gehaald zonder meer dan één model met elektrische aandrijving. En dus bereiden alle constructeurs in allerijl de introductie voor van nieuwe modellen die volledig of deels elektrisch worden aangedreven. Bij Mercedes valt die eer te beurt aan de EQC, een SUV op basis van de succesvolle GLC.  

Mercedes-Benz is de oudste autoconstructeur en heeft verreweg de meeste patenten op het vlak van automobielbouw op zijn naam staan. Inzake elektromobiliteit kijkt de Duitse autobouwer echter tegen een achterstand aan, de CO2-uitstoot voor het complete Mercedes-gamma bedroeg vorig jaar 139,6 g/km.     

Mercedes staat dus met de rug tegen de muur, vandaar dat het onder het EQ-label een reeks elektrisch aangedreven modellen klaarstoomt waarvan de EQC de eerste in de rij is, een SUV op basis van de succesrijke GLC en GLC Coupé met conventionele benzine- en dieselmotoren.
  

Pro en contra   
De verwantschap van de EQC 400 met de GLC is onmiskenbaar, zowel qua exterieur als interieur. De nieuwkomer wordt aangedreven door twee sterke elektromotoren met een vermogen van 408 pk en een indrukwekkend koppel van 760 Nm. De ene elektromotor drijft de voorwielen aan, de tweede de achterwielen, wat bijdraagt aan zijn neutraal en veilig weggedrag, dat nog wordt bevorderd door het lage zwaartepunt van de wagen.

In de bodem van de EQC zit de 652 kg zware accu (80 kWh) verwerkt, die het hoge leeggewicht van 2495 kg verklaart. Desondanks spurt de EQC 400 in 5,1 seconden van 0 naar 100 km/u. Onder ideale omstandigheden beschikt die over een actieradius van zo’n 400 kilometer, maar in de praktijk moet je uitgaan van maximaal 360 kilometer, in de winter zelfs maar 260 kilometer. Dat is vergelijkbaar met de autonomie van de Jaguar E-Pace, maar ligt onder het niveau van de Audi e-tron 55, Kia e-Niro en Hyundai Kona Electric. Met die laatste twee modellen rij je probleemloos zo’n 450 kilometer ver, bovendien zijn die de helft goedkoper.
    

De relatief hoge instapprijs van de EQC wordt verantwoord door de hoge kwaliteit van de afwerking en gebruikte materialen, door de vrij complete basisuitrusting en het goed functionerende MBUX-infotainmentsysteem, dat het meest geavanceerde op de markt is. Voer je een bestemming in, rekent MBUX precies uit waar en wanneer je onderweg stroom moet laden en hoeveel tijd je verliest tijdens het laadproces. De spraakbediening werkt voorbeeldig, het volstaat om ‘hey Mercedes’ uit te spreken en de elektronische butler schiet in actie. De EQC 400 is zeer geluidsarm en rijdt opvallend dynamisch en comfortabel. De EQC is 4,76 meter lang en beschikt over een koffervolume van 500 liter.   
  

De EQC 400 is zonder meer een stap in de goede richting en moet de weg effenen voor toekomstige e-modellen op basis van een platformarchitectuur, die specifiek is ontworpen voor elektroaandrijving en beter tegemoetkomt aan de verwachtingen van de klant. Die focust op de prijs en actieradius en verwacht geen sportwagenprestaties. Die staan trouwens haaks op duurzaam rijden.

Van de opvolgers van de EQC 400 wordt verwacht dat die sneller en driefasig kunnen opladen. De EQC nu kan maximaal 110 kW laden, terwijl voor het Europees Ionity-netwerk 150 kW als standaard geldt. Thuis opladen kan via een wallbox en boordlader (7,4 kW) maar neemt 11 uur in beslag. Dat kan en moet beter wil het merk met de ster een vooraanstaande plaats kunnen behouden in de autowereld van morgen.  
  

Oslo, hoofdstad van de elektromobiliteit
De perspresentatie vond plaats in en rond Oslo, de hoofdstad van de elektromobiliteit. Ruim de helft van alle nieuwe auto’s in Noorwegen worden deels of volledig elektrisch aangedreven. De eigenaars genieten tal van voordelen, van premies tot gratis parkeren én laden in het centrum van de stad. Wat mij betreft een voorbeeld dat navolging verdient.  
  
_____________________
Chapeau Nieuwsbrief
Wil jij wekelijks het laatste nieuws ontvangen over het goede leven in Limburg NL/BE? Schrijf je dan in voor onze mooie nieuwsbrief -> inschrijven <

Lees ook