Modemeisje te midden van joggingbroeken in Tirana

Yoëlle heeft na een aantal bezoeken aan Albanië een zwak voor het land gekregen

Auteur: Yoëlle Smith
Woensdag 29 mei 2019

Taxi! Taxi Señora? No, thank you zeg ik. Meteen daarop herhaal ik het antwoord nog eens in mijn beste Italiaans. Het is alweer de vijfde keer dat ik ben geland op Tirana Airport. Wie mij al wat langer volgt weet dat mijn verloofde vorig jaar september vanwege zijn werk van Dubai naar Albanië is verhuisd. En zo weten mijn trouwe lezers ook dat ik daar afgelopen zomer niet echt van stond te jubelen.

Inmiddels zijn we zo’n negen maanden verder en still going strong. Nou ja, strong… De republiek in het westen van de Balkan behoort nog altijd niet tot mijn favoriete hotspots, maar ik moet toegeven dat het leven in Tirana – de Albanese hoofdstad - me heel erg meevalt.

Voor zijn vertrek googelde ik Tirana een middaglang: ‘Tirana capital’, ‘Tirana shopping centre’, ‘Tirana mall’, ‘Tirana best food’ ‘Tirana hotspots’…

We weten in Nederland weinig over Albanië. Althans die aanname reflecteer ik op mezelf, mijn omgeving en alle reacties die ik tot nu toe heb gekregen als ik het woord ‘Albanië’ laat vallen.

Waar wij Hollanders Albanië doorgaans aan linken? 1) dat het een tijd geleden werd uitgeroepen tot het armste land van Europa; wat uiterst verdrietig is. 2) aan de genadeloze criminelen die de bijrollen vertolkten in de Hollywoodfilms Taken 1, 2 en 3. Het waren in deze film namelijk de ‘gevoelloze Albanezen’, die de maagdelijke tienerdochter van acteur Liam Neeson ontvoerden, haar als seksslavin verkochten aan de rijkste upperclass, om uiteindelijk vermoord te worden. Gotta love me some thriller-action movies.

Italiaans als tweede taal
In het echt blijken de Albanezen helemaal niet zo koelbloedig en wreed als in de film. Als ik over straat loop heb ik niet het idee dat ze me willen ontvoeren en willen doorverkopen aan miljardairs, hetgeen een hele opluchting is.

Sterker nog, ik ben enorm verrast hoe gastvrij de Albanezen zijn naar buitenstaanders en expats. Daarnaast vind ik de bevolking heel geschoold overkomen, niet iets wat ik in eerste instantie had gedacht van het armste land van Europa. Zo zijn bijna alle Albanezen meertalig en spreken de oudere generaties naast Albanees ook vaak Turks, Grieks én Italiaans. De jonge generatie spreekt goed Engels en iedereen boven de 20 jaar spreekt ook vloeiend Italiaans.

Dit laatste was voor mij een verrassing. Zo kom ik na drie jaar Italiaans voor dummies niet verder dan ‘Cappuccino per favore’ of ‘Si Spaghetti Bolognese’, terwijl de Albanese generatie-Y en Z Italiaans als tweede taal spreekt.

Dit laatste is, zo is mij duidelijk geworden, te danken aan het televisieverbod tijdens het communistische regime in Albanië. Zo waren de enige zenders die zij destijds ontvingen de Italiaanse. Dus groeiden kinderen op met Italiaanse cartoons en keken moeders en tienermeisjes dagelijks naar Italiaanse soapopera’s.

Daarnaast viel me op dat de Albanezen ook een beetje leven als de Italianen. Zo heeft Tirana tal van leuke koffiebarretjes, restaurants en bars. En zitten de Albanezen met gemak een hele ochtend in een knus koffieconceptbarretje de krant te lezen of met elkaar te kletsen onder het genot van een espresso en wat lekkers. Het is gezellig. Ondanks de lelijke communistische flats die de achtergrond kleuren zijn de hippe koffiebarretjes en restaurants verfrissend en eigentijds.

Fashion
Wat minder hip is, is de mode in Albanië. Daar zijn ze erg in achtergebleven.

Zodra ik met mijn witte lak kaplaarzen, vintage Dior tas en overzised hoodiejurk door Tirana loop; ben ik een grote attractie en kijkt iedereen me aan. Het is een beetje ongebruikelijk om je niet te voldoen aan het nogal eenzijdige Albanese modebeeld.

Dat modebeeld laat zich trouwens moeilijk beschrijven. Het is een tikkeltje fout en tegelijkertijd terug-in-de-tijd. Zo dragen de mannen veelal joggingpakken met merkshirts in schreeuwerige grote letters met daaronder van die foute laksneakers. Ook qua shopping valt het zwaar tegen in Tirana. Er is geen H&M of Zara te bekennen.

Er is een ini mini winkelcentrumpje, vergelijkbaar met een klein warenhuis, waar ze verschillende merken verkopen. Daarnaast zijn er een tal van winkels die naast hun gewone kleding ook nep-Louboutins en namaak-Chanel tassen aanbieden.

Voor modemeisjes is deze stad dus echt drie keer niks. Vandaar dat (lokale) vrienden van ons naar Milaan of Rome gaan om daar te shoppen.

Ook de creatieve industrie heeft nog een flinke grow-up nodig in Albanië. Zo heb ik wat research gedaan naar de vraag of ik hier misschien ook een beetje hussle on the side kan doen terwijl ik op bezoek ben bij mijn partner. Zo deed ik tijdens mijn verblijf in Dubai regelmatig wat modellenklusjes hier en daar. Maar ook de modellenbureaus in Albanië doen me denken aan eind jaren negentig, begin zero’s. Maar dan niet à la Naomi en Kate (lees: Naomi Campbell & Kate Moss). Maar een iets goedkopere versie met te veel make-up.

Een no go voor mij dus. Voor andere industrieën is het daarentegen wel upcoming. Zo zit mijn vriend er super qua engineering & technische industrie. Maar of ik ga verhuizen? Dat zit er voorlopig niet in. Wellicht dat ik mijn besluit opnieuw zal overwegen na de komst van een Zara of Albanese versie van de Bijenkorf…

__________________________________
Chapeau Nieuwsbrief
Wil jij wekelijks het laatste nieuws ontvangen over het goede leven in Limburg NL/BE? Schrijf je dan in voor onze mooie nieuwsbrief -> inschrijven <

 

Lees ook