Een Hermitage boordevol met levenskunst

Maarten beleeft een Proustmomentje bij het drinken van zijn eerste slokje wijn

Auteur: Maarten van Laarhoven
Zondag 10 februari 2019

Ze heette Marianne. Ze was de eerste echte vrouw in mijn leven. Dat wil zeggen: buiten de veilige contouren van mijn ouderlijk huis. Marianne had dikke, ravenzwarte lange haren, die losjes op haar schouders bungelden. Op de enige foto waar we samen op staan draagt ze een stijlvol zomerjurkje. Haar donkere ogen en haar flauwe glimlach maakten Marianne ronduit ravissant.

Marianne. Ik heb nog heel vaak aan haar gedacht, zeker ook de afgelopen weken. Wat zou er van haar zijn geworden? Is ze uiteindelijk getrouwd? Heeft ze kinderen gekregen?

Er zijn zelfs momenten geweest waarop het voelde alsof de niet-aanwezige Marianne gewoon bij mij aan tafel zat. Zoals die ene keer in Haarlem, tijdens een etentje bij kennissen van mijn ouders, alweer heel wat jaren geleden. Er werd een rode wijn ontkurkt, die door de gastheer sierlijk in grote kristallen glazen werd geschonken. Het moet – achteraf gezien - een hele mooie zijn geweest.

Ook bij mijn bord stond een glas. Het werd gevuld met niet meer dan een paar kleine slokjes. Een Bob-arrangementje zouden ze tegenwoordig zeggen. Niet omdat ik nog moest rijden: ik was pas elf jaar.

Complex bouquet
Dat allereerste slokje werd een moment om nooit meer te vergeten. Het heeft ontegenzeggelijk grote invloed gehad, zowel op mijzelf als op de manier waarop ik in het leven sta. Nog staat het me volstrekt helder voor de geest hoe ik het glas oppakte, het behoedzaam naar mijn mond bracht, het ongetwijfeld rijke bouquet even op me liet inwerken, om vervolgens mijn lippen te bevochtigen met een heel klein beetje van de inhoud.  

Het eerste wat me opvalt als ik de film terugdraai, zijn de grote ogen die ik opzette. Want echt lekker was mijn eerste slokje allerminst. Spannend wel, zoveel was zeker. De inhoud van het glas deed me in eerste instantie denken aan de inhoud van de kelk die ik op zondagochtend tijdens het dienen van de mis aan de priester overhandigde. Maar deze wijn was anders. Met deze wijn was iets bijzonders aan de hand.

Proefnotitie
Voorzichtig zette ik het grote glas terug op het witte tafellaken. ‘En?', wilde mij moeder weten. ‘Vind je het lekker? Waar smaakt het naar?’ In al mijn spontaniteit gooide ik er mijn allereerste proefnotitie tegenaan. ‘Deze wijn’, antwoordde ik kinderlijk onbevangen, ‘smaakt naar het paarse kleurpotlood van juffrouw Marianne’.

Om mij heen werd hard gelachen. Ik lachte mee, als een boer die dringend naar de tandarts moest. Kennelijk had ik mij onbedoeld iets laten ontvallen wat uitermate grappig was. Niettemin was ik zeker van mijn zaak. De wijn die ik zojuist geproefd had geurde uitbundig naar het bijproduct van vers geslepen potloden. Een geur die ik nog altijd uit duizenden herken.

Als braafste jongetje van de kleuterklas mocht ik vaak het eerste kleurtje kiezen uit de grote doos met kleurpotloden die Marianne bovenin de kast had staan. Het paarse exemplaar was om de een of andere reden mijn absolute favoriet. Nooit zal ik de heerlijke geur vergeten die vrijkwam als het paarse kleurpotlood van juffrouw Marianne werd geslepen met de grote grijze puntenslijper die met een bankschroefachtige constructie aan de rand van haar bureau bevestigd was.

Dikke stoflaag
Na die magische avond in Noord-Holland ontwikkelde ik langzaamaan een bovenmatige interesse voor alles wat met wijn te maken had. ‘Wijn’ als thema kwam vaak voor op de Franse, Portugese en Griekse plaatjes in mijn postzegelalbum. In mijn kinderencyclopedie was te zien dat wijn gemaakt werd van druiven die met blote voeten werden platgetrapt in grote houten bakken. ‘Getreden’, heette dat volgens mijn moeder, die mij ook vertelde dat wijn alleen maar lekkerder werd naarmate hij langer lag. Wijn moest ‘rusten’ en hoe langer hij dat deed, des te dikker de stoflaag die erop kwam te liggen. Een stoflaag die nooit of te nimmer mocht worden verwijderd. Wat daarvoor precies de reden was, tja, dat wist mijn moeder ook niet.

Ook de televisie was in die tijd nog zeer behulpzaam om aanstormende wijnliefhebbers een stukje educatie bij te brengen. De allerbeste wijn, zo begreep ik uit de STER-reclame, kwam ‘Uit de kelders van Verbunt’, waar het bijzondere rode goedje vanuit grote houten vaten in flessen werd getapt. Ze waren verkrijgbaar in de supermarkt; drie flessen voor tien gulden. In diezelfde winkel stonden ook flessen die in mijn beleving ‘appelwijn’ bevatten, gezien het woord ‘appellation’ dat erop stond. Groot was mijn verbazing toen op een goede dag zo’n flesje open werd getrokken en de inhoud allerminst smaakte naar appelsap.

  

Beaujolais Primeur
Slokje voor slokje ging een hele wereld voor me open. Een Hermitage boordevol met levenskunst tentoongesteld in de meest schitterend gelegen stijlkamers verspreid over de hele aardkloot. Frankrijk – toevallig ook ‘het land van Marianne’, maar dat begreep ik pas veel later - werd mijn favoriete vakantieland; du pain, du vin, du boursin mijn levensmotto, zelfs al hield ik toen al niet van kaas.

Op een zwoele zomeravond – ik moet inmiddels vijftien zijn geweest (terugscrollend hoor ik duidelijk krekels tjirpen) dronk ik mijn eerste ‘hele’ glas: een ijskoude Mateus Rosé uit de destijds mateloos populaire ronde fles uit Portugal. Tegen de tijd dat ik me op de derde donderdag van november 1980 naar de winkel spoedde om te voorkomen dat ik naast de Beaujolais Primeur zou grijpen, was ik er zeker van dat niemand me nog iets kon leren over wijn.

De belangrijkste revelatie moest toen evenwel nog komen. Ik zal een jaar of zeventien zijn geweest toen ik in de krant een stuk las dat was geschreven door Jan Brusse, die ik in hoge mate bewonderde vanwege zijn televisiereportages vanuit Frankrijk. Het ging over wijnen uit de buurt van Bordeaux. Wijnen die na verloop van tijd een specifieke geur ontwikkelden. Een geur van gedroogde pruimen, tabak en… potloodslijpsel.

Mijn wraak was nog veel zoeter dan de achttien kaarsjes tellende slagroomtaart het jaar daarop. Eindelijk erkenning! Het was het begin van een warme vriendschap. Een warme vriendschap met het leven. En dat allemaal dankzij Marianne. En haar onvolprezen paarse kleurpotlood.   

_________________________________

Chapeau Nieuwsbrief
Wil jij wekelijks het laatste nieuws ontvangen over het goede leven in Limburg NL/BE? Schrijf je dan in voor onze mooie nieuwsbrief -> inschrijven <

 

 

Lees ook