Winst in de Groene Hel

Xavier neemt je mee naar een van de beruchtste circuits ter wereld

Donderdag 24 mei 2018

Wat is nu zo speciaal aan de Nordschleife?, wordt mij vaak gevraagd. Waarom noemen ze het de Groene Hel? Waarom komen er 200.000 man naar de 24 uur van de Nürburgring? Ik neem jullie mee naar mijn beleving van de 24 uur van de Nürburgring om antwoorden op deze vragen te krijgen. Vandaag deel 1 van de Nordschleife.

Een klein stukje historie en achtergrond over de Nordschleife. De Nürburgring Nordschleife is een deel van de oude Nürburgring en is een circuit in Duitsland. Er werden 21 Grands Prix verreden tussen 1951 en 1976. De destijds 20,8 km lange Nürburgring heeft alleen al bij Grand Prix-wedstrijden aan vijf Formule 1-coureurs het leven gekost en vele anderen blijvend letsel bezorgd. Het enorme circuit werd als werkverschaffingsproject gebouwd in de jaren twintig rond het dorp Nürburg in het Eifelgebergte. Het bevatte officieel 176 bochten verdeeld over de 20,8 km van de Nordschleife en de 7,7 km van de aparte Südschleife. De bijnaam van het circuit is 'de groene hel'. 
BRON: wikipedia.org

Het circuit verdween om veiligheidsredenen van het Formule 1 toneel na 1976, het jaar waarin Niki Lauda bijna omkwam in zijn brandende Ferrari, door in het knikje voor Bergwerk uit de bocht te vliegen. In 1964 verongelukte de Nederlandse Formule 1 coureur Carel Godin de Beaufort op de Nordschleife tijdens de training voor de Grand Prix.

Voor 2016 had ik nog nooit met een racewagen gereden op de befaamde Nordschleife. Natuurlijk wist ik van het bestaan van dit beruchte circuit en ik had er al eens een ronde gereden met mijn privé wagen. Je kan namelijk een ticket kopen voor een rondje te rijden op openbare dagen. Het is dan een soort tolweg, waar geen snelheidslimiet is, maar waar wel de normale verkeersregels (zoals links inhalen) gelden. Echt gekkenwerk, want je komt motoren tegen, maar ook een camper of bus mogen ‘het circuit’ op. Er gebeuren dan ook veel ongelukken op het bochtige circuit in de Eiffel. Het is eigenlijk een grote achtbaan, van boven naar beneden en van links naar rechts.

Het is ook extreem moeilijk om alle bochten achter elkaar te leren kennen. De eerste paar keer met een normale auto kijk je vooruit en ben je heel voorzichtig bij de blinde bochten van het circuit. Na een paar keer leer je kleine stukjes circuit aan elkaar te knopen en weet je een beetje wat er op je af komt. Al kan je daar nog niet op vertrouwen, want soms wordt je verrast door een compleet andere bocht dan je zou denken dat er komt. Een normaal circuit is tussen de vier en vijf kilometer lang en dat leer je snel met tien of vijftien bochten, maar om 176 bochten achter elkaar te onthouden, duurt een tijdje.

In 2016 ging een van de zovele wensen in vervulling. Ik mocht samen met Charles Putman, Charles Espenlaub en Joe Foster meedoen aan de 24 uur van de Nürburgring. Maar dat gaat niet zo maar. Je moet een speciale licentie halen en er gelden ook andere regels dan op de traditionele circuits. Het avontuur begon met heel veel te rijden in de simulator. Deze zijn tegenwoordig heel accuraat en de circuits zijn zelfs laser gescand. Zo kon ik steeds meer het hele circuit aan elkaar knopen in mijn hoofd en waren en maar een paar momenten per ronde waar nog gaten zaten. Niet gek als een ronde ook ongeveer 10 minuten duurt.

 

Over twee weken in deel twee. Neem ik jullie verder mee in de reis naar de overwinning in de 24 uur van de Nürburgring. Dan ga ik het circuit op en neem je mee in het gevoel over de Nordschleife. En ik laat je weten wat er nodig is om te winnen en de Groene Hel te temmen.

Lees ook