We hebben het zó slecht

// Column

Auteur: Jo Cortenraedt
Dinsdag 28 november 2017

Het is zó ellendig om in Nederland te moeten leven. En ook in België moet het bijzonder beroerd zijn. Dat zou je afleiden uit de reacties die je ziet op social media en hoort op straat. Dat er afgegeven wordt op het weer, dat snap ik wel na zo’n natte zomer. Hoewel de planten en het gazon bij mij in de tuin stonden te juichen deze zomer. Nog nooit zó groen. Op de autoradio hoorde ik reacties op de stelling ‘Het kabinet-Rutte heeft de economie goed achtergelaten’. Dat was naar aanleiding van de cijfers van het Centraal Plan Bureau, waaruit bleek dat er geen enkel Europees land is op dit moment, waar de economie zó hard groeit als in Nederland. De luisteraars konden stemmen per sms. En jawel hoor, ik geloof iets van 65 procent vond dat het kabinet daar voor NUL procent de credits voor had verdiend. Ze hadden volgens hen niets gedaan om de economie vooruit te helpen. Merkwaardig. Ik ken genoeg politici uit heden en verleden bij wie ik mijn twijfels heb. Maar toch, ik heb ook wel met hen te doen. Zeker met die politici die een werkweek maken van tachtig uur of meer en er keihard aan trekken om resultaat te behalen. Maar de tijdgeest is tegenwoordig zo dat, wat een politicus ook doet, het bij een grote groep mensen gewoon nooit goed is. Veel van die mensen mopperen de hele dag. De politiek deugt niet, de politie ook niet, de belastingdienst al helemaal niet. En geen enkele overheidsdienst trouwens. Natuurlijk, dat het zo goed gaat met de economie, dat wil niet zeggen dat het automatisch goed gaat met elk individu bij ons. Er zijn nog altijd voedselbanken, in de zorg zijn er wachtlijsten, er zijn veel te veel regeltjes, te veel ambtenaren waarschijnlijk ook en op het gebied van bestrijding van kleine en grote criminaliteit schort er ook nog wel het een en ander aan. Of de welvaart wel voldoende terecht komt bij degenen die er voor werken, dat is ook de vraag. En er zijn grote vraagstukken waarvoor het begin van een oplossing nog niet gevonden lijkt zoals het vluchtelingenprobleem, de milieuvervuiling en nog zo een paar van die lijvige dossiers.

Toch denk ik vaak na een reis bij terugkeer in Limburg: zo slecht hebben we het helemaal niet. Iedereen heeft te eten. Een behoorlijke kans op werk voor degenen die echt aan de bak willen. Een alleszins goede levensstandaard. Een fatsoenlijke woonomgeving. Aardig wat natuur. Een goede infrastructuur. Tamelijk veilig nog. De luchtkwaliteit kon wat beter maar er hangt niet voortdurend smog. Veel recreatiemogelijkheden en een redelijk cultureel aanbod. En jawel, ook een gematigd klimaat. Af en toe wat veel regen misschien, maar al met al is het goed uit te houden. Het is hier ook nog een beetje internationaal. Niet grootstedelijk maar ook niet in the middle of nowhere. Terug naar die enquête. Of je nu links, rechts of neutraal bent, het is zeer onwaarschijnlijk dat geen enkele maatregel van de demissionaire regering Rutte heeft bijgedragen aan de mooie resultaten van nu. Ik vind het bijvoorbeeld jammer dat zo’n kundige minister Dijsselbloem niet zal terugkeren, omdat zijn PvdA is afgestraft door de kiezers. Maar de partijen die tegenwoordig roepen ‘Wij zijn tégen’, die vinden het meest gehoor. Tegen dit, tegen dat. Voor de goede orde, ik ben partijloos. Maar je moet tegenwoordig bijna suïcidale neigingen hebben om nog in de politiek te durven stappen. Want elke maatregel waarvan je denkt dat die op analytische gronden nuttig is, brengt je verder naar de afgrond. In veel landen waar de mensen stukken armer zijn dan in Nederland en België zie ik vaak meer glimlachende gezichten dan bij ons. Misschien komt dat omdat ze daar niet de tijd en de luxe hebben om aan een pseudo-intellectuele discussie te beginnen of op het treinstation nog ‘dames en heren’ mag worden omgeroepen.

Lees ook