Op je 44e aan sport beginnen

// Annemie Ramaekers

Auteur: Annemie Ramaekers
Dinsdag 17 oktober 2017

‘Ik doe aan sport!’ HALT. Rewind. Lees dat nog eens: ik-doe-aan-sport. Ja, Ramaekers, de wonderen zijn de wereld nog niet uit. En het staat hier nu zwart op wit. Dus officieel. No way back. Riskeer niet. Na 44 jaar. Wie had dát ooit gedacht! En neen, ik ben op dit eigenste moment, terwijl ik dit neerpen, niét zat, noch onder invloed van te veel cafeïne of andere preparaten. Ook niet van anabole steroïden. Ik zweer plechtig dat ik de waarheid spreek. De microbe heeft gebeten. Lap.Nooit gedacht dat het mij zou overkomen. Laat staan dat ik het zou volhouden! Ballet: oké, een paar jaar gedaan, als kind, tot mijn beste vriendinnen hun roze tutu’s aan de haak hingen, en ik dus ook. Inline skaten: een maandje. Nochtans cool, zo’n chick on wheels, met blitse knielappen, elleboogbeschermers en een derrière van beton. Tennissen? Been there, done that. Tien lessen. Privéleraar. Goed materiaal (euh, mijn racket hé, niet die leraar). Maar nul goesting. Game, set, match? Game-over ja! En wees eerlijk: zo’n witte tenue, totally nót me!

Een fitnessabonnement? Check. Ook ooit gehad. In Antwerpen. Toen ik op kot zat. En ik een compensatie zocht voor de liters mazout (bier met cola), nachtelijke pita’s en andere aanslagen op mijn lijf. Twee keer ben ik er ge-raakt, die maand. Resultaat: vijf kilo zwaarder in no time, en een dikke tweede zit tijdens de zomermaanden. Sindsdien? Liever lui dan moe geweest. Neen, dat is niet waar. Ik heb rond mijn veertigste verjaardag ooit een paar loopschoenen gekocht.

Ook een loopbroekje, en loopsokjes, en een loopbloesje. Want zo zijn we wel hé: alles erop en eraan, anders begin ik er niet aan. Drie keer aangehad. Drie. Zó saai!! Jezus. Zelfs met muziek. Niks aan. Nul fun. Het ging me nochtans redelijk goed af. Liep al vijf kilometer. Maar een marathon zou het nooit worden. En zal het ook niet worden. Lopen is niks voor mij. Niet vandaag, niet morgen. Ook al heeft mijn partner ‘De Marathon Des Sables’ op zijn palmares staan. Tja, gek zijn doet geen zeer. Ieder zijn afwijking, toch?

Weet je wat het is? Een goed metabolisme. Dat heb ik, durf ik te denken. Buiten mijn zwangerschappen, die me 3 x 16,5 kg extra opleverden, weeg ik al heel mijn leven hetzelfde, waardoor er nooit echt een alarmbel is afgegaan, of ik een reden had om een Sporty Spice te worden. Maar je jurkjes van twintig jaar geleden nog kunnen aantrekken, wil niét zeggen dat je vel nog even strak zit. Niks is wat het lijkt. En al zeker niet in bikini. Blubberbuikje, wiebelbenen, bingo wings, alias hangarmen: present! For now. Want ik daag ze uit, die zichtbare schoonheidsfouten en ga met hen de strijd aan. Mét een personal trainer. Samen sterk. Twee tegen één. In februari ben ik gestart. Workout. Cardio. Crossfit. Eén uurtje per week. Op maandagochtend, puik plan. Ik verzeker je: dat is afzien, na een weekend vol bubbels en katers. Dat is sterven, want compassie heeft zo’n PT niet. Binnen de vijf minuten plakt mijn tong daar aan de grond. Maar het is wél mijn ding. Zo erg dat ik het heb opgeschroefd naar twee uur en ik voor het eerst in mijn leven luidop durf, mag en kan zeggen dat ik aan sport doe. Zo, het is eruit!

Lees ook