Hoe Colombiaanse tradities voortleven in Maastricht

Totó la Momposina y sus Tambores

Auteur: Nina Simons
Vrijdag 16 juni 2017

Afgelopen zaterdag hebben mijn vriend César en ik een groot feest georganiseerd in onze woning in Maastricht, om zijn verjaardag te vieren. Ik ben inmiddels al meer dan vier jaar met hem samen, maar blijf het prachtig vinden hoe zijn Colombiaanse vrienden die ook naar Nederland zijn gekomen om hun Master of Phd te volgen, er hier zo goed in slagen een stukje van hun thuisland te recreëren.  Al in de middag zoekt César op zijn telefoon naar de notities opgeslagen als recetas de mi mama (recepten van mijn moeder), en wij gaan samen aan de slag met de voorbereidingen voor het maken van een sancocho, een zeer gevulde soep met onder meer kip, yucca, groene bakbanaan, maïs en nog veel meer, met een zelf getrokken bouillon als basis, geserveerd met rijst, banaan, avocado, koriander en limoen. Terwijl deze heerlijke soep in een gigantische pan op een vuur in onze tuin op smaak staat te komen, klinkt de stem van de Colombiaanse zangeres Totó la Momposina door onze luidsprekers.

In gesprekken met César’s Colombiaanse vrienden, kom ik erachter dat zij opmerken dat de jonge generatie Colombianen die hun thuisland hebben verlaten, doorgaans meer waarde hechten aan tradities dan degenen die nog steeds in Colombia wonen. Tradities kunnen helpen je dichter bij huis te laten voelen, en dat is heel waardevol, wanneer je familie zo ver weg is. De vriendengroep genaamd Macondo, liefkozend vernoemd naar de fictieve stad die beschreven staat in het boek Honderd jaar eenzaamheid van de Colombiaanse schrijver Gabriel García Márquez, is hier als familie voor elkaar. Samen maken zij gebruik van elke mogelijkheid die zich voordoet om de cultuur van hun thuisland te vieren. Zo ook het optreden van de eerder genoemde zangeres Totó la Momposina, begin deze maand in het Muziekgebouw Frits Philips in Eindhoven. Ook ik was erbij, want luisteren naar muziek is een prachtige manier om meer over een andere cultuur te weten te komen.

Totó komt uit het dorp Talaigua, gelegen in het midden van Mompos  een eiland in de rivier Magdalena. Vandaar de naam la Momposina. Met een vader als drummer, en een moeder als zangeres en danseres, leerde ze als kind al zingen en dansen. Geboren in een familie waarvan al vijf generaties muzikanten waren, is het geen wonder dat de muziek van la costa (de kust) door haar aderen stroomt. Puttend uit de muziek en dans van de Colombiaanse Cariben, is haar werk geïnspireerd op een rijke culturele mix die elementen van Afrika, Inheemse Indianen en Spaanse tradities combineert.

Los van het feit dat het geluid van de ritmische slagwerken je uit je stoel trekt, en haar indringende stem je opzweept, maakt vooral het gevoel dat ze haar muziek als missie gebruikt een overweldigende indruk op mij. Totó la Momposina is wat men noemt een cantadora; een volkszangeres die liederen doorgeeft aan jongere zangeressen om zo de tradities te bewaken. In dit optreden gebruikte ze niet alleen de liederen, maar ook de ruimte ertussen om korte verhalen te vertellen over haar Colombia. Deze muziek wordt daarmee een boodschap die de rijke cultuur van het land helpt voortbestaan.

De missie deze boodschap te verspreiden is geen eenvoudige; al in haar jonge jaren reisde Totó naar Europa, omdat ze in haar eigen land moeite had publiek te winnen voor haar traditionele klanken. En nu nóg staat ze, met haar bijna 77 jaar, in Europa op het podium, om de wereld te laten zien dat er niet alleen reggaeton uit Colombia komt.

Een van de liederen waarmee ze een verhaal vertelt is El Pescador (de Visser), gecomponeerd door José Barros. De tekst is een uiting van respect voor de zware, doch nederige taak van de visser in zijn contact met de natuur. Een ander, meer ritmisch voorbeeld is La Candela Viva (De Brandende Kaars), waarvan de tekst refereert aan een carnavalstraditie van een vuurbal gemaakt van stof, die door de straten geschopt wordt. Dit laatste lied werd gespeeld nadat het publiek een staande ovatie had gegeven en ‘otra’ schreeuwde, de ‘Spaanse’ manier voor het vragen om een toegift.

Zelfs na haar optreden was haar energie niet op, en nam ze de tijd om alle geïnteresseerde bezoekers kort te woord te staan, met hen op de foto te gaan, of een cd te laten signeren.

Met haar cd’s heb ik het gevoel een stukje Colombiaanse geschiedenis te hebben aangeschaft, dat ik verder voort laat leven in Maastricht.

Wie haar zelf wil zien zal nog even geduld moeten hebben. Vanavond treedt ze op in het Franse Fontenay Sous Bois, nabij Parijs, de laatste etappe van haar Europese toer. Ben je niet in de buurt, dan zullen haar cd’s, die online verkrijgbaar zijn, voorlopig moeten volstaan. Ze vertellen je verhalen die je waarschijnlijk nog niet eerder hebt gehoord, over tradities uit Colombia.

Fotografie: Nina Simons

 

 
vorige artikel volgend artikel

Lees ook