Werken in de Tour

Column George Deswijzen

Maandag 13 juli 2015

Er wordt wat afgewerkt in de Tour de France. Iedereen is druk of doet druk. Daar zijn de meningen nog over verdeeld. Feit is wel dat het, veinzend of niet, afzien is. Lange dagen, fysiek zwaar werk, wisselende weersomstandigheden en niet meewerkende autoriteiten slopen langzamerhand de fitheid van menigeen.

Om te bepalen welke werkzaamheid nou de zwaarste is, is een lastige opgave. Dan zou je eerst alle klusjes eens gedaan moeten hebben alvorens conclusies te kunnen trekken. De hekkenschouwers zijn met name fysiek bezig, de jongens en meisjes van de reclamekaravaan trotseren weer en wind en overbelasten hun lachspieren in drie weken Tour. De organisatie van de Tour maakt met name lange dagen met weinig slaap. De teams geven elke dag alles om hun renners perfect voor te bereiden. En zo zal iedereen in de Tour na drie weken voor zichzelf kunnen concluderen dat hij hard heeft gewerkt en toe is aan vakantie.

We hebben nog een Tourvolger niet besproken en dat is die van de journalisten, persfotografen en cameramensen. Deze groep valt uiteen in verschillende takken. De kranten, tv, radio persbureaus en nieuwe media. Deze groep heeft met name te maken met de deadline druk. Het sluiten van de redacties of het moment van uitzending. Eergisteren zaten we nog tegenover een Duits Tv team van Sky. Niet alles floepte, het zweet liep de verslaggever over het gezicht en de sfeer onderling was uitermate te snijden. Werken in een Tour is niet (altijd) gezond.

Dit laatste heeft ook betrekking op een specifieke groep die werkzaam is in de Tour. De fotografen en cameramensen in de koers. De mensen die jullie de mooie beelden op tv aanleveren en de foto’s in de krant. Even tussendoor. Onze provincie is trouwens zeer goed vertegenwoordigd met motards in wielerwedstrijden. Met name de gemeente Eijsden-Margraten is met mannen zoals Willy Wauthle, Jos Hayen en Marcel Goes hofleverancier van zeer ervaren motards in de grote wedstrijden over al ter wereld. Het is maar dat u het weet, Limburg laat op alle fronten van zich spreken. Maar we hadden het over het werk in koers. Motor op, motor af, onnatuurlijke houdingen achterop aannemen, de stoten van de verkeersdrempels opvangen, kilo’s aan apparatuur meeslepen op het lichaam en elke dag blootgesteld worden aan de natuur. Ik heb het afgelopen week zelf mogen ervaren in de Tour. Nu zit ik al een paar jaar achterop de motor in verschillende wedstrijden zoals de Amstel Gold Race, Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik. Dacht dus dat ik iets gewend was, niet dus. De Tour is namelijk de Tour, hier is alles een stuk groter en gaat alles nog een tandje sneller. Ik zou dit zelf geen drie weken kunnen volhouden. Die conclusie heb ik voor mijzelf getrokken. Het selecte groepje collega’s van de grote persbureaus in koers moeten wel over een ijzeren conditie en gestel beschikken anders houd je dit niet vol. Daarbovenop komt ook nog eens de deadline stress die ook zij ervaren ook al kunnen ze de beelden die ze maken op de motor direct via wifi naar hun redacties sturen. Respect.

Al het bovenstaande verbleekt natuurlijk bij de het afzien van de renners zelf. Dé rede waarom alle volgers drie weken lang door Frankrijk vliegen, hun lichaam en geest afpeigeren en zo ‘hard’ werken. Zonder renners geen koers, zonder koers geen werk. Het is een open deur maar het werk van de 185m overgebleven coureurs dat is pas echt afzien. Elke dag topfit zijn en dat drie weken lang! Ga er maar aan staan met alle risico’s die worden genomen, valpartijen en slechte bedden in menig Frans hotel. Hier is iedereen het mee eens. Het echte harde werk wordt elke dag weer door de mannen op de fiets gedaan.

Salut.

 
vorige artikel volgend artikel

Lees ook