De wijze les van Paul Smith

Lees nu de wekelijkse zaterdagblog van Jo Cortenraedt

Zaterdag 7 februari 2015

Van de vele honderden interviews blijven je er altijd een aantal extra bij. Een van de meest recente was dat met de Engelse mode-ontwerper Paul Smith, die met zijn eigen label wereldberoemd is geworden.

Het was extra aardig om te doen omdat de man ondanks zijn sterrendom heel erg ‘down to earth’ bleek te zijn. Niet op z’n Hollands van ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’. Dat heb ik nooit zo’n geweldig adagium gevonden. Nee, het mag best wat kleurrijk en eigenzinnig zijn, onderscheidend ook. Als dat maar niet leidt tot een gevoel van verhevenheid.

Ik sprak Paul Smith in het Modemuseum in Hasselt en de man bleek uiterst goed gemutst. Natuurlijk had hij wel assistenten bij zich, ook om ‘de pers’ te regelen, en die was in grote getale komen opdagen. Maar in feite regelde hij alles zelf. Hij snapt het spel. Als je iets te melden hebt, in dit geval de opening van zijn eigen tentoonstelling, dan moet je dat communiceren met de media. En dat is gewoon een karwei dat je inhoudelijk goed moet doen en liefst ook nog met plezier.

Nou, dat gebeurde. Wat een humor heeft die man. De mondiale modewereld is interessant maar vaak ook een subwereld waarin andere normen lijken te gelden. Mening fotomodel dat van huis uit ooit nog zo spontaan was, verandert in een mum van tijd in een verwaande giechelende tante die ver boven de aardbol lijkt te zweven, zodra de incrowdwereld in Parijs, Londen, New York en Milaan het dagelijks decor wordt. Dat geldt zeker niet voor alle modellen, maar ik ken er helaas toch teveel die het wat licht in het hoofd is geworden. Mogelijk ook geholpen door poeders met hetzelfde effect.

De veelal gefortuneerde playboys die achter hen aan zitten, gedragen zich ook al of ze van een andere planeet komen. Kostbare feesten op jachten en exclusieve landgoederen en wellicht ook weer diezelfde spullen die ‘de mind’ en de hormonen extra in versnelling moeten brengen. Allemaal heel mooi op het eerste oog, maar na verloop van tijd doemt de leegte op.  

Maar menig beroemd ontwerper kan er helemaal wat van. Als zonnekoningen laten ze zich niet alleen door de modellen op de catwalk toewuiven, ook in het dagelijks leven hebben ze zich de stijl van Louis XIV aangemeten, met heel wat dienaren die zenuwachtig achter hen aan hollen en kruipen. Zij zelf blijven lastig benaderbaar en kijken vooral heel ingewikkeld.

Niets van dat alles bij Paul Smith. Terecht trots is hij erop dat hij nog altijd zelfstandig is en niet door de knieën is gegaan voor een aanbod van een van de grote multinationals zoals bijvoorbeeld LVMH, dat deze week weer een recordwinst van miljarden wist te melden. Smith is nog altijd bij zijn eerste vrouw, samen bedenken ze alles, weliswaar nu met een heel team erbij.

Maar ondanks zijn leeftijd van 68 is hij nog altijd de jongen van vroeger die begon met een piepklein boetiekje. Een vat vol creatieve ideeën die hij goed weet om te zetten in kleding, woonaccessoires en andere producten die wereldwijd aanslaan. Een man vanuit de provincie (Nottingham) die dicht bij zijn eigen drive is gebleven en ook zakelijk vooral zijn boerenverstand gebruikt.

Met name zijn humor vond ik ontwapenend en op die manier wist hij zichzelf voortdurend te relativeren. Dus niet van ‘kijk mij eens’ maar eerder zelfbewust maar ook verwonderd dat het allemaal zo goed loopt. Hij zou al lang met pensioen kunnen en rentenieren op een  tropisch eiland. Maar waarschijnlijk zou hij dan doodongelukkig worden. Nu kan voortdurend zijn energie en creativiteit kwijt. Volgens mij wordt hij op die manier 100 jaar en hoeft hij nooit naar de dokter.

 

Jo Cortenraedt

Lees ook

NIEUWSBRIEF

Ontvang nu wekelijks een update over het goede leven in het zuiden.