TEFAF brengt Maastricht zuurstof

Zaterdagblog van Jo Cortenraedt

Zaterdag 8 maart 2014

Dat de kunstbeurs TEFAF in de lente wordt gehouden, kan geen toeval zijn. Immers, het voorjaar brengt ons extra zuurstof, dat lijkt althans toch zo. En TEFAF Maastricht laat ons op een andere manier volop ademen en bloeien. 

Niet alleen is de top van de wereldkunst, die nog op de markt is, allemaal te zien in het MECC, bovendien wordt de stad en de hele regio druk bezocht door een zeer internationaal publiek. Van Amerika tot Rusland, van Brazilië tot China. Dat geeft in de stad een geweldige ambiance, het brengt de allure die Maastricht eigenlijk altijd wil hebben, maar toch met name die twee weken in maart heeft. Dit publiek gedraagt zich netjes en zorgt nergens voor overlast.

De hele regio vaart er wel bij. Het MECC kan er een half jaar op teren, de hotels en restaurants halen een omzet voor maanden binnen. Dan praten we nog niet over allerlei servicebedrijven, winkels, bloemisten enzovoorts. TEFAF is in feite één groot feest voor de stad. Ik vergelijk het met het filmfestival in Cannes, het grootste in zijn soort. De hele middenstand en de toeristische sector aldaar beleven dan hun toptijd, voor de werkgelegenheid zijn zulke evenementen een enorme impuls. De hele stad aan de Côte d’Azur is zich er terdege van bewust.  

Nu las ik toevallig een stuk in een regionaal Limburgs blad dat zegt gespecialiseerd te zijn in kunst en cultuur. En wat schrijven ze over TEFAF?  ‘Een festijn dat met kunst weinig te maken heeft, wel met een goede beurs. Een snobistische peepshow waar het plebs voor 55 euro mag komen ruiken aan wat onbereikbaar is.’ De redactie meldt trots dat ze zelf niet naar deze grootste kunstbeurs ter wereld gaan. ‘We laten de gepommadeerde snobs en de gebotoxte geurdozen en hun lokale slippendragers graag wie ze zijn’. De organisatie zal er niet wakker van liggen, immers de kunstredacteuren van de New York Times, de Frankfurter Algemeine, El Pais, Le Monde etc komen wel. Die snappen waar het over gaat.

Kennelijk doet de redactie van het betreffende Limburgse kunstblad een poging zich boven het TEFAF-publiek te verheffen. Naar mijn idee een elitaire maar vooral heel provinciaalse houding. Dan ontken je in feite de kwaliteit die er is of je geeft aan daar niet mee om te kunnen gaan. Er zijn mensen die zich ongemakkelijk voelen, zodra het internationaal wordt, zodra iets allure en kwaliteit krijgt. Zodra ze zich moeten bewegen in een omgeving waar goede smaak tastbaar wordt. Het is eerder een geestestoestand die hoort bij verschraald bier en zure wijn uit een kartonnen doos.   

Gelukkig geldt dat voor de meeste mensen in de regio niet. Dan heb ik het niet eens over de gegoede burgerij, maar ook over die hotelmedewerkers die genieten van het zeer gevarieerde publiek. En die beseffen wat een dergelijk evenement alleen al economisch betekent.

Ik ken veel Limburgers die geen klant zijn bij een vermogensbeheerder, maar doelbewust de kans grijpen om voor een prijs die onder die van een gemiddeld popconcert of Europese voetbalwedstrijd ligt, de mooiste kunst te bekijken, die internationaal voorhanden is. Die dromen een hele dag of meer weg bij de fantastische kwaliteit die TEFAF biedt, van antiek en oude meesters tot hedendaagse kunst en design. Ze hoeven hiervoor niet naar New York of Parijs, maar gewoon naar Maastricht. Juist daarom maakt TEFAF wereldkunst laagdrempelig.  The European Fine Art Fair is vooral voor onze eigen regio een geschenk uit de hemel.

En dat er dan ook zeer vermogende mensen naar toe komen vanuit heel de wereld, met hun privé jets, hun Bentley’s en Rolls Royces, prima, ik heb geen last van hen en zij niet van mij. Ze zullen vooral komen om te kopen terwijl ik er naartoe ga om – behalve om te werken – ook te genieten. En ik ben niet zo hebzuchtig terwijl jaloezie ook geen kernbegrip voor me is. Dus kan ik die extra zuurstof vrijelijk inhaleren.

 

Jo Cortenraedt 

Lees ook