Het dolgedraaide verkiezingscircus
In Maastricht zag ik een busje rijden dat helemaal groen beschilderd was. Zag er best vrolijk uit. Nadere inspectie leerde dat het om een reclame ging om bij de komende parlementsverkiezingen in ieder geval te gaan stemmen op een partij die positief staat tegenover de gebruiker van cannabis. ‘Laat uw stem niet in rook opgaan’, zo luidde het creatief gevonden advies. Met zelfs een speciale website ‘cannabis-kieswijzer.nl’. Daar vind je dan de passages uit de verkiezingsprogramma’s die gaan over verdovende middelen. Niet zo verrassend is de conclusie dat de linkse partijen meer ruimte willen geven voor het verkrijgen van drugs dan partijen die in het centrum of rechts daarvan.
Ik dacht zelf dat Nederland al een behoorlijk ruim beleid hanteert. Tijdens deze lockdown zijn bijvoorbeeld de restaurants gesloten maar mogen de coffeeshops gewoon open blijven, onder bepaalde voorwaarden. Dat kan ik aan mijn vrienden in België en Duitsland niet uitleggen.
Het is maar een van de vele initiatieven om stemmen te trekken. Er zijn vele stemwijzers bij gekomen, die overigens vaak verschillende uitkomsten bieden.
De campagne is chaotisch. Natuurlijk, het is in coronatijd ook lastig want je kunt geen grote bijeenkomsten organiseren. Dus het contact met de kiezer is beperkt. De kandidaten moeten het daarom hebben van hun media-optredens en van social media. Daar maken ze volop gebruik van.
Maar een rustig inhoudelijk gesprek waar je misschien nog wat wijzer van wordt, ik zie het maar weinig. Wel krijg je te horen – of te lezen – welk huisdier de politicus heeft.
Voor mij is het een overkill. Ik ben geïnteresseerd, maar niet om in drie dagen tijd elke keer weer een nieuw debat te zien tussen Rutte en Wilders. Of tussen Hoekstra en Kaag. Het zijn vaak ingestudeerde teksten die er dan uitkomen. Ook hanteren de betreffende nieuwsprogramma’s en talkshows bepaalde formats, waarbij het meer om het spel dan om de knikkers lijkt te gaan. De debatten zijn verworden tot een soort van entertainment. Ongetwijfeld om de kijkcijfers omhoog te krijgen.
Ik heb soms te doen met die arme politici. Je rent van het ene radioprogramma naar de volgende televisieshow. Je wordt daar niet gevraagd voor een normaal gesprek, nee, het moet knallen. Dus ofwel met een tegenstander van wie verwacht wordt dat ie wat pittige uitspraken doet om de vlam in de pan te krijgen. Ofwel met een soort van mysterie guest die moet proberen de politicus uit het lood te krijgen.
Ik begrijp wel dat de redacties niet willen dat de politici gewoon hun vaste riedeltjes komen afdraaien. Maar een rustig inhoudelijk gesprek waar je misschien nog wat wijzer van wordt, ik zie het maar weinig.
Wel krijg je te horen – of te lezen – welk huisdier de politicus heeft, wat hij of zij het liefst op de boterham smeert en hoe vaak de zonnebank gebruikt wordt. Ik zit daar echt niet op te wachten.
En op het geschreeuw op social media al helemaal niet. Al dat gescheld, de stoten onder de gordel, ik vind het gênant. Maar het schijnt bij deze tijd te horen. Het gaat meer over marketingtrucs dan over de boodschap. Rutte heeft blijkbaar de tactiek om in feite géén echte campagne te voeren. Want dan blijft hij de baas die het land door de coronacrisis heen moet loodsen. Thierry Baudet voert dan weer wel veel campagne en heeft blijkbaar de aanpak van Donald Trump afgekeken. Niet alleen ontkent hij alles, maar ook draagt hij steevast zo’n petje om vooral ‘een man van het volk’ te zijn.
Waarschijnlijk ben ik te saai voor dit tijdsgewricht. Als politiek dakloze zoek ik naar een club ergens in het midden. Zonder extreme gedachten, zonder onhaalbare doelstellingen. Ambitieus en – omdat toch maar een modewoord te gebruiken – verbindend tegelijk. Bij geen enkele partij kom ik helemaal goed uit. Het liefst zou ik mix maken van een paar partijen, met van elk de sterkste punten. Maar dat gaat niet. Zelf een nieuwe partij beginnen? Help. Er komen er nu al waarschijnlijk een stuk of vijftien in de kamer. Veel te veel natuurlijk. Die eenpitters straks, die voegen niets toe en kosten de gemeenschap alleen maar geld. Waar blijft die kiesdrempel?
Jo Cortenraedt










